Proces Toeleiden

Documentatie

Dit proces betreft de bemiddeling van de cliënt en het toewijzen van zorg of ondersteuning aan de aanbieder. Het proces kan op de volgende manieren starten:

  • op het moment dat het zorgkantoor een notificatie ontvangt dat er in het Indicatieregister een nieuwe Wlz-indicatie is geregistreerd voor een cliënt in de regio waarvoor dit zorgkantoor verantwoordelijk is.
  • op het moment dat het zorgkantoor een notificatie ontvangt dat er een Overdracht is geregistreerd voor een cliënt die is verhuisd vanuit een andere regio naar de regio waarvoor dit zorgkantoor verantwoordelijk is.

Als er sprake is van dossieroverdracht raadpleegt het zorgkantoor de Overdracht in het Bemiddelingsregister van het overdragende (oude) zorgkantoor en raadpleegt het zorgkantoor de bijbehorende Wlz-indicatie in het Indicatieregister. Zie verder proces Dossier overdragen.

Als er sprake is van een nieuwe indicatie raadpleegt het zorgkantoor deze Wlz-indicatie in het Indicatieregister.

De cliënt kan een voorkeur voor een leveringsvorm en voor een aanbieder opgeven. Wanneer de cliënt dit op het moment van indiceren nog niet bij het CIZ heeft aangegeven neemt het zorgkantoor contact op met de cliënt om dit alsnog vast te stellen.

Het zorgkantoor registreert een Bemiddelingspecificatie (toewijzing) in het Bemiddelingsregister met de door de cliënt gewenste leveringsvorm en bestemd voor de voorkeuraanbieder van de cliënt. Het zorgkantoor notificeert de aanbieder.

Als sprake is van een volledig pakket thuis (VPT), deeltijdverblijf (DTV) of verblijf, is de voorkeuraanbieder regiehouder met regierol dossierhouder. Als sprake is van de leveringsvorm modulair pakket thuis (MPT) heeft de voorkeuraanbieder de regierol coördinator zorg thuis. Het zorgkantoor registreert de Regiehouder in het Bemiddelingsregister.