| Code | Titel |
|---|
| LRA0001 | LRA0001: Een zorgkantoor mag voor het toeleiden ven een cliënt en voor het declareren de gegevens over de status van de levering van de zorg of ondersteuning raadplegen die horen bij de toewijzing waarvoor het zorgkantoor uitvoerend is. |
| LRA0002 | LRA0002: Een zorgkantoor mag voor het toeleiden van een cliënt, het aanleveren van wachtlijstgegevens en het aanleveren van gegevens over de eigen bijdrage de gegevens over de status van de levering van de zorg of ondersteuning raadplegen die horen bij een toewijzing waarvoor het zorgkantoor verantwoordelijk is. |
| LRA0003 | LRA0003: Een zorgkantoor mag voor het toeleiden van een cliënt het Verzoek raadplegen dat hoort bij een toewijzing waarvoor het zorgkantoor verantwoordelijk is. |
| LRA0004 | LRA0004: Een zorgkantoor mag voor het toeleiden van een cliënt de gegevens over de status van de levering van de zorg of ondersteuning raadplegen die horen bij de (informatieve) toewijzingen van andere zorgkantoren. |
| LRA0005 | LRA0005: Een aanbieder mag voor het leveren van zorg of ondersteuning aan een cliënt de gegevens over de status van de levering van de zorg of ondersteuning raadplegen die horen bij de (informatieve) toewijzingen van andere aanbieders. |
| LRA0006 | LRA0006: Een aanbieder mag voor het leveren van zorg of ondersteuning aan een cliënt het verzoek raadplegen waarin voor deze aanbieder een aanvraag voor een toewijzing is opgenomen. |
| LRB0001 | LRB0001: Uiterlijk vijf werkdagen na ontvangst van een notificatie van een nieuwe Bemiddelingspecificatie (toewijzing) legt de aanbieder voor wie de Bemiddelingspecificatie bestemd is in het Leveringsregister een Leveringperiode, een Uitstelperiode, een Afstel en/of een Verzoek vast. |
| LRB0002 | LRB0002: De aanbieders zijn bronhouder van het Leveringsregister en verantwoordelijk voor de juistheid en consistentie van gegevens die in het Leveringsregister zijn vastgelegd. |
| LRB0003 | LRB0003: Het is verplicht om gebruik te maken van het BSN van de cliënt in de onderlinge uitwisseling van gegevens. |
| LRB0004 | LRB0004: De levering moet binnen de geldigheid van de toewijzing vallen. |
| LRB0005 | LRB0005: De aanbieder moet Leveringperiode(s), Uitstelperiode(s) en Afstel van zorg of ondersteuning op elkaar aansluitend registreren. |
| LRB0006 | LRB0006: Alleen de aanbieder voor wie de toewijzing bestemd is mag in het Leveringsregister de levering van zorg of ondersteuning of het uitstel of afstel daarvan registreren. |
| LRB0007 | LRB0007: De aanbieder plaatst wijzigingen in de levering van zorg of ondersteuning bijvoorkeur dezelfde dag, maar uiterlijk binnen vijf werkdagen na vaststellen ervan in het Leveringsregister. |
| LRB0008 | LRB0008: De aanbieder is bij het leveren van overbruggingszorg gehouden aan het geldende overbruggingsprotocol zoals beschreven in het Voorschrift Zorgtoewijzing van Zorgverzekeraars Nederland. |
| LRB0009 | LRB0009: Verlenging van de overbruggingszorg voor een tweede termijn moet twee maanden na de start van de eerste periode van overbruggingszorg aangevraagd worden. |
| LRB0010 | LRB0010: Een verzoek voor overbruggingszorg moet binnen vijf werkdagen na ontvangst van de notificatie van de nieuwe toewijzing aangevraagd worden. |
| LRB0011 | LRB0011: Het zorgkantoor legt contractrelaties met aanbieders vast in de iWlz-AGB-codelijst. |
| LRB0012 | LRB0012: Als een aanbieder met meer dan één zorgkantoor een contractrelatie heeft, heeft hij voor elke relatie een aparte AGB-code. |
| LRB0013 | LRB0013: Als een aanbieder, die geen regiehouder is, de toegewezen zorg of ondersteuning niet kan leveren, moet hij dit afstemmen met een aanbieder die regiehouder is, voordat hij dit meldt aan het zorgkantoor. |
| LRB0014 | LRB0014: De aanbieder voert binnen één werkdag na ontvangst van een melding de noodzakelijke wijzigingen in het Leveringsregister door die het gevolg zijn van die melding. |
| LRB0015 | LRB0015: Als een cliënt bij meer aanbieders op de wachtlijst wil staan, moet dit buiten het Leveringsregister om bij het zorgkantoor gemeld worden. De extra toewijzingen voor verblijf kunnen niet door middel van een Verzoek aangevraagd worden. |
| LRB0016 | LRB0016: Zodra de levering van zorg of ondersteuning op een toewijzing (opnieuw) is gestart, legt de aanbieder een Leveringperiode vast in het Leveringsregister. |
| LRB0017 | LRB0017: Direct na registratie van een nieuwe Leveringperiode in het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0018 | LRB0018: Zodra de levering van zorg of ondersteuning op een toewijzing is gestopt, beëindigt de aanbieder de Leveringperiode. |
| LRB0019 | LRB0019: Direct na het wijzigen van een Leveringperiode in het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0020 | LRB0020: Direct na het verwijderen van een Leveringperiode uit het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0021 | LRB0021: De sleuteldatum mag maximaal 14 dagen voor de ingangsdatum van de Leveringperiode liggen, maar nooit voor de ingangsdatum van de toewijzing. |
| LRB0022 | LRB0022: Op ieder moment kan de cliënt bij één aanbieder tegelijk zijn opgenomen. |
| LRB0023 | LRB0023: Bij een overplaatsing legt de aanbieder in het Leveringsregister vast voor welke aanbieder de toewijzing bestemd is. |
| LRB0024 | LRB0024: De aanbieder mag een correctie op een ingangsdatum Leveringperiode of op een einddatum Leveringperiode die meer dan een jaar in het verleden ligt, alleen na overleg met het zorgkantoor en het CAK doorvoeren. |
| LRB0025 | LRB0025: Als de aanbieder bij wie de cliënt verblijft ook behandeling levert, moet die aanbieder de Behandelingperiode(s) vastleggen in het Leveringsregister. |
| LRB0026 | LRB0026: Alleen de aanbieder die het opnamedeel van het verblijf levert mag behandeling leveren. |
| LRB0027 | LRB0027: De Behandelingperiode moet vallen binnen de Leveringperiode. |
| LRB0028 | LRB0028: Direct na registratie van een nieuwe Behandelingperiode in het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0029 | LRB0029: Zodra het leveren van behandeling is gestopt, beëindigt de aanbieder de Behandelingperiode in het Leveringsregister. |
| LRB0030 | LRB0030: Direct na het wijzigen van een Behandelingperiode in het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0031 | LRB0031: Direct na het verwijderen van een Behandelingperiode uit het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0032 | LRB0032: De aanbieder moet de leveringsstatus en de classificatie bepalen aan de hand van de zorgvraag van de cliënt. |
| LRB0033 | LRB0033: Bij tijdelijke beëindiging van de levering van zorg of ondersteuning, registreert de aanbieder aansluitend op de Leveringperiode een Uitstelperiode. |
| LRB0034 | LRB0034: Zodra is vastgesteld dat de levering van zorg of ondersteuning op een toewijzing nog niet zal starten, legt de aanbieder een Uitstelperiode vast in het Leveringsregister. |
| LRB0035 | LRB0035: Zodra is vastgesteld dat de wachtsituatie van een cliënt is gewijzigd (andere reden, andere leveringsstatus en/of classificatie), legt de aanbieder een nieuwe Uitstelperiode vast in het Leveringsregister. |
| LRB0036 | LRB0036: Direct na registratie van een nieuwe Uitstelperiode in het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0037 | LRB0037: Zodra is vastgesteld dat de cliënt niet meer wacht op de levering van zorg of ondersteuning op een toewijzing, beëindigt de aanbieder de Uitstelperiode. |
| LRB0038 | LRB0038:Direct na het wijzigen van een Uitstelperiode in het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0039 | LRB0039: Direct na het verwijderen van een Uitstelperiode uit het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0040 | LRB0040: Een aanbieder mag een toewijzing overdragen aan een andere aanbieder. |
| LRB0041 | LRB0041: Bij overdracht van de toewijzing legt de aanbieder in het Leveringsregister vast voor welke aanbieder de toewijzing bestemd is. |
| LRB0042 | LRB0042: Zodra is vastgesteld dat de levering van zorg of ondersteuning definitief niet doorgaat, legt de aanbieder een Afstel vast in het Leveringsregister. |
| LRB0043 | LRB0043: Direct na registratie van een nieuw Afstel in het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0044 | LRB0044: Direct na het wijzigen van een Afstel in het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0045 | LRB0045: Direct na het verwijderen van een Afstel uit het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor en het uitvoerende zorgkantoor. |
| LRB0046 | LRB0046: Als de voorkeuraanbieder de toegewezen zorg of ondersteuning (nu) nog niet kan leveren of de cliënt de toegewezen zorg of ondersteuning (nu) nog niet kan of wil ontvangen, dient de voorkeuraanbieder (in overleg met de betrokken aanbieder(s)) een verzoek voor een of meer aangepaste toewijzingen in. |
| LRB0047 | LRB0047: Als de regiehouder (dossierhouder of coördinator zorg thuis) de toegewezen zorg of ondersteuning samen met een of meer andere aanbieders gaat leveren, legt de regiehouder (in overleg met de betrokken aanbieder(s)) een verzoek voor een toewijzing vast in het Leveringsregister. |
| LRB0048 | LRB0048: Het zorgkantoor moet een verzoek voor een aangepaste toewijzing binnen twee werkdagen na ontvangst van de notificatie beoordelen. |
| LRB0049 | LRB0049:Een verzoek voor een of meer toewijzingen voor MPT, VPT of DTV moet altijd een compleet overzicht bevatten van de te leveren zorg of ondersteuning voor de aangevraagde leveringsvorm, vanaf de (kleinste) gewenste ingangsdatum van de toewijzing. |
| LRB0050 | LRB0050: Een verzoek voor een toewijzing voor verblijf moet altijd een compleet overzicht bevatten van de te leveren zorg en ondersteuning die nieuw is of gewijzigd moet worden voor de leveringsvorm verblijf, vanaf de (kleinste) gewenste ingangsdatum van de toewijzing. |
| LRB0051 | LRB0051: Alleen een aanbieder die regiehouder (dossierhouder of coördinator zorg thuis) is, mag bij het zorgkantoor een verzoek om een toewijzing indienen. |
| LRB0052 | LRB0052: Alleen een aanbieder die regiehouder is mag (buiten een verzoek om toewijzing om) een wijziging in regiehouderschap aan het zorgkantoor doorgeven. |
| LRB0053 | LRB0053: De aanbieder die een verzoek voor een toewijzing voor verblijf of deeltijdverblijf registreert in het Leveringsregister, geeft daarbij aan bij welke aanbieder de cliënt wordt opgenomen. |
| LRB0054 | LRB0054: De regiehouder registreert bij een verzoek voor een toewijzing voor zorg thuis in de vorm van een MPT of, naar de mening van de regiehouder, de zorg of ondersteuning doelmatig en verantwoord geleverd kan worden. |
| LRB0055 | LRB0055: Direct na registratie van een nieuw Verzoek in het Leveringsregister notificeert de aanbieder het verantwoordelijke zorgkantoor. |
| LRB0056 | LRB0056: Een verzoek mag niet gewijzigd worden. |
| LRB0057 | LRB0057: De aanbieder die een verzoek vastlegt in het Leveringsregister, vermeldt bij iedere aanbieder voor wie een toewijzing wordt aangevraagd of deze aanbieder op de (gewenste) ingangsdatum van de toewijzing wel of geen regierol heeft voor de aangevraagde leveringsvorm. |
| LRB0058 | LRB0058: Direct na registratie van een nieuw VerzoekAanbieder in het Leveringsregister notificeert de registrerende aanbieder (regiehouder) de aanbieder voor wie de toewijzing is aangevraagd. |
| LRI0001 | LRI0001: Hoe moet worden omgegaan met correcties? |